Een blog over Wereldverkenning in het moderne basisonderwijs

Wereldverkenning.nl
Een blog over wereldverkenning in het moderne basisonderwijs

Heb je de hazelnootchocoladeletter puur al achter de kiezen? Is de kerstboom al versierd? Wordt er al uitgekeken naar het vuurwerkspektakel op oudejaarsdag?

December wordt niet voor niets de feestmaand genoemd en iedereen probeert persoonlijk, met gezin of familie een weg in te vinden in al het feestgedruis. Want feestvieren dat kunnen we wel! Dat wíllen we ook vooral. En feestvieren doe je nooit in je eentje. Samen met familie, op school of zelfs op het werk wordt er gevierd.

Bij die feesten en vieringen horen nu eenmaal bepaalde tradities. Sommige tradities kennen we allemaal, maar ik vind het vooral schitterend om te zien hoe sommige families hun eigen tradities creëren en in stand houden. Zo zal mijn broer er dit jaar met Sinterklaas weer flink van langs krijgen in zijn gedicht vermoed ik.

Op vrijwel iedere basisschool vindt er bijvoorbeeld een Kerstviering plaats. Of dit nu een van origine christelijke school is of niet, blijkbaar horen vieringen erbij. Wij Nederlanders hebben er een uniek woord voor: gezellig. Ook ‘gemeenschapszin’ en ‘zingeving’ lijken het codewoord te zijn voor een geslaagde viering. Samen ergens bij stil staan, samen liederen zingen, koken voor elkaar, samen goede gesprekken voeren en spelletjes spelen. In december doen we het bijna allemaal, zowel thuis als op school. Een viering gaat ergens over en moet betekenis hebben en daar mag je best bij stilstaan.

Voor je het weet is het alweer januari en komt het ‘vieren’ op een laag pitje te staan en wordt er vooral weer heel serieus gewerkt. Maar is dat eigenlijk wel terecht? Valt er dan de rest van het jaar weinig te vieren, op de verjaardag en vakantie na dan?

Ik geloof niet dat er minder behoefte is aan vieren. Maar misschien op een iets andere manier. Niet bij elke viering hoeft een boom of cadeautjes. Ook de ‘kleine’ dingen des levens mogen wat mij betreft gevierd worden om het leven feestelijker te leven. Hieronder doe ik een aantal suggesties van vieringen die op school, binnen een gezin of in een klas gevierd kunnen worden. Ik noem allerlei positieve gebeurtenissen, maar daarbij wil ik opmerken dat in een viering ook heel goed verdriet kan worden verwerkt.

  • Een moeilijk leerboek is uit.
  • De lente is begonnen!
  • De eerste knopjes zitten aan de bomen.
  • Ik kan al 10 letters lezen.
  • We hebben een nieuw kind in de klas.
  • Er wordt een vriendschap gesloten.
  • Iemand krijgt een broertje of zusje.
  • De eerste gitaarles was een succes.
  • Er waren mooie schelpen te vinden op het strand.
  • Mijn lichaam is genezen!

Alle bovenstaande suggesties hebben te maken met verwondering en respect. Twee sleutelwoorden van DaVinci en die gelden voor alle scholen, christelijk, openbaar, bijzonder… Wij vinden vieren met de school zelfs zo belangrijk dat we een speciaal boek uit gaan geven; Vierende verhalen. Hierin komen de overkoepelende thema’s terug in verschillende verhalen vanuit verschillende culturen en religies. Die thema’s zijn: Ik & de Ander, Vrede & Vrijheid, Groei & Ontwikkeling, Gevoelens & Vertrouwen. Verhalen die elke viering op iedere school diepgang en gemeenschapszin geven. Want als het straks Pasen is en je weet niets beters dan een stagiaire in een paashaaspak te hijsen, vraag je dan alsjeblieft af wat de zingeving van dit feest is. Hebben kinderen daar geen recht op?!

 

Margriet Lei-Canrinus

 

P.S. We kijken heel graag mee naar hoe we de vieringen op jouw school samen gedegen, zinvol en feestelijk vorm kunnen geven. Zie www.schoolvieringen.nl 

 


Marjolein Blomesath

Orthopedagoog Generalist, Docent Psychologie UT

Gecertificeerd Mindfulness trainer Ouder – Kind

www.praktijkfiducie.nl

 

De eerste schooldag… alle kinderen staan met spanning bij het hek te wachten op wat er komen gaat. Maar misschien heerst er nog wel meer opwinding bij de ouders. Er wordt gefluisterd: ‘Ben jij ook zo blij dat deze zes weken vakantie er weer op zitten?’ ‘Oh ja, ik kijk al een paar weken uit naar deze dag.’ De bel. De kinderen rennen naar binnen en zoeken hun nieuwe plekje in de klas. De ouders draaien zich om en zoeken de rust en regelmaat die de start van school hopelijk weer met zich meebrengt. Ze komen eindelijk terug bij zichzelf.

Niets menselijks is mij vreemd. Het eerste kopje koffie als de kinderen aan de schooldag zijn begonnen, zonder stemmen op de achtergrond en zonder een schuin oog naar de klok, is een heerlijk moment van de dag. De ruimte die ontstaat tussen 9.00 en doorgaans 15.00 voor het schrijven van dat moeilijke artikel, een groot vakgroep overleg of de aanschaf van een nieuwe outfit geven een gevoel van regie en vrijheid. Het is goed je van deze ervaringen bewust te zijn. Het is echter minstens zo interessant om de momenten met je kinderen met dezelfde aandacht op te merken. Hoe vaak hoor je niet de uitspraak ‘wat vliegt de tijd’ of ‘ik heb het gevoel een stuk van de basisschoolperiode van mijn kind te hebben overgeslagen,’ of ‘we zijn net een bedrijf thuis; alles loopt volgens planning maar ik blijf me gejaagd voelen’. Mindful Parenting leert je inzicht te krijgen in deze automatische gedragspatronen en gedachten waardoor je bewuster de dag met je kind kan doorbrengen. Je krijgt tools om jezelf te laten pauzeren, naar de situatie te kijken en door deze afstand een bewuste keuze te maken. Het loslaten van vooringenomen ideeën over jouw kind en de invulling van je dag wordt als bevrijdend ervaren. Stel je eens voor dat je niet de hele dag loopt te zoeken naar een momentje voor jezelf waarin je dat ene hoofdstuk uit kunt lezen. In plaats van het krampachtig zoeken, laat je de dag komen zoals die komt, met volle aandacht voor alle losse gebeurtenissen die zich voordoen.

En dan… opeens… spelende kinderen op het gras, het eten pruttelt al in de pan en jouw boek ligt uitnodigend voor je. Wellicht herken je ook het voorbeeld dat je in gedachten bij de vergadering bent op je werk terwijl je kind zijn schoenen niet kan vinden. Een nare opmerking van jou volgt, en kan je een gevoel van schuld en schaamte geven. Als je met vriendelijkheid naar jezelf kan gaan kijken en met oefeningen kan leren eerst een pauze te nemen voordat je reageert, ontstaan er mooie ontdekkingen. Een moeder uit de trainer omschreef dit als volgt; “ik kon altijd alleen met terugwerkende kracht van de dag genieten. Pas als de kinderen in bed lagen en ik nam in gedachten de dag door, merkte ik de leuke en minder leuke momenten van die dag op. Door de Mindful Parenting trainingen kan ik veel meer ‘in het moment’ leven en mis ik minder! Ook zorgen de adempauzes ervoor dat ik niet in de automatische piloot schiet en door raas.” Ofwel: je bent je bewust van wie je bent en wat je op dit moment aan het doen bent: je bent jezelf!

Hoe zou het zijn met deze aandacht een vakantie met je kinderen door te brengen? De hemel breekt niet open, de ruzies om de i-pad blijven, maar je bewust zijn van al deze momenten en niet te streven naar de ideale dag voor jou en je kinderen leidt wellicht tot rust en ruimte en nieuwe ervaringen.Eén van de eerste oefeningen van de training, een routine handeling met je kind nu met aandacht uitvoeren, is al vaak heel inzicht gevend. Ik kan me voorstellen dat je nieuwsgierig bent geworden naar de rest….

Vraag een cursus Mindful Parenting aan bij info@davinciacademie.nl of kijk op http://www.davinciacademie.nl/cursussen/ouders/mindful-parenting/ voor meer informatie!

Beste leerkracht,

Dit manifest gaat over de aanvullende methode voor computergericht denken van DaVinci. Waarom moeten kinderen op zo’n jonge leeftijd al leren over computers, programmeren, internet en digitale media? Sommige leerkrachten denken: “ik ben toch leerkracht geworden om de kinderen zelf wat te leren, en niet om ze allemaal achter de computer te zetten?” Computergericht denken klinkt misschien technisch en saai, maar met deze methode is het dat helemaal niet! Ook zullen de kinderen met deze methode niet gedurende de hele les achter de computer zitten, maar juist spelenderwijs dingen leren over de wondere wereld van de computer en het programmeren. Vaak heb je hier helemaal geen computer bij nodig! En bovendien kost het geen extra ruimte in je lesrooster, maar wordt computergericht denken een natuurlijk onderdeel van wereldverkenning.

Waarom is het een goed idee om de kinderen al zo jong te laten leren over computergericht denken? In Engeland heet het Computational Thinking en is het al een vast onderdeel van het curriculum voor het basisonderwijs. Computers en digitale media worden steeds belangrijker in onze huidige samenleving. Net zoals we alle kinderen leren rijmen, maar het niet allemaal dichters zullen worden, willen we alle kinderen computergericht leren denken, zonder dat het ICT’ers of programmeurs worden.

 

Bij Computergericht denken zijn er 3 onderdelen te onderscheiden:

  1. Digitale geletterdheid: dit is de meer overstijgende functie waarin je begrijpt wat de mogelijkheden zijn van computers en netwerken in het algemeen, wat de functie is in de samenleving en in jouw persoonlijk leven.
  2. Informatie Technologie: het werken met computers en computerprogramma’s zoals browsen op internet, tekstverwerken, tekenprogramma’s, films maken.
  3. Computer Wetenschap: dit gaat over het feitelijke programmeren van computers

 

Om kinderen op te leiden tot 21ste eeuwse werknemer met 21ste eeuwse vaardigheden is het van belang dat de kinderen kennis krijgen over computergericht denken. Dit geeft ze een solide basis voor een zelfverzekerde omgang met computers en techniek op de middelbare school, op een vervolgopleiding en in hun toekomstige baan. De wereld verandert tegenwoordig heel snel. Kinderen moeten daarom leren hoe ze moeten leren, hoe ze informatie moeten vergaren over nieuwe technieken, en hoe ze nieuwe technieken zelf moeten bouwen en die van anderen begrijpen, omdat de systemen die vandaag de dag als modern gezien worden morgen al weer achterhaald kunnen zijn.

 

Deze stof al introduceren op de basisschool zorgt ervoor dat alle kinderen gelijken kansen hebben om met computers en techniek in aanraking te komen. Het laat de kinderen spelen met techniek voordat ze belemmerd worden door vooroordelen die op latere leeftijd meer een rol gaan spelen, zoals de gedachte dat technologie alleen voor mannen zou zijn en in het bijzonder voor studiebollen of nerds.

 

Door computers en technologie toe te voegen aan het curriculum van jonge kinderen zal de neiging van deze leeftijdsgroep om deel te nemen aan technologische activiteiten met enthousiasme, verwondering en een gebrek aan remmingen toenemen dat zorgt voor een optimale kans op ontwikkeling.

 

Bovendien zitten we in Nederland met een groot probleem. De vraag naar technici is namelijk veel groter dan het aanbod. Vooral de mismatch tussen de vraag en het aanbod van startende programmeurs is groot: volgens een onderzoek van Dialogic uit 2014 is de vraag naar startende programmeurs op HBO niveau bijna vier keer zo groot als het aanbod, en op universitair niveau is de vraag naar startende programmeurs zelfs acht keer zo groot als het aanbod[1].

 

Niet elk kind hoeft echter programmeur te worden. Activiteiten met als thema ‘computergericht denken’ kunnen ook worden ingezet om algemene vaardigheden op te doen, zoals werken in groepen of logisch denken. Tevens kunnen ze worden gebruikt ter illustratie van bepaalde concepten uit de wiskunde of uit de wetenschap. In de woorden van Kay Stables [2]:

 

Basisschoolleraren  die technologie hebben toegevoegd aan hun lesprogramma merken vaak op dat technologische activiteiten een waardevol vehikel voor alle soorten van leren. Dit kan het ontwikkelen van algemene vaardigheden zijn, zoals het samenwerken in een groep of het oplossen van problemen, of meer specifieke ontwikkeling, van de kennis van concepten uit de wiskunde of de wetenschap. Activiteiten gerelateerd aan technologie bevorderen vaak een rijke leeromgeving voor een hele reeks leermogelijkheden, waardoor ze toegevoegde waarde bieden.

Wij hopen dat je na het lezen van deze tekst het met ons eens bent dat computergericht denken een waardevolle toevoeging is voor uw lesprogramma. Wil je meedoen aan de pilot, dan kun je mailen met info@uitgeverijdavinci.nl

Meer informatie over de methodes van DaVinci is te vinden op www.uitgeverijdavinci.nl

 

Veel plezier!

 

Michel Lamoré – onderwijsontwikkelaar bij uitgeverij DaVinci

 


[1] Zie voor meer informatie het rapport van Dialogic: https://www.digivaardigdigiveilig.nl/images/uploads/img/Dialogic_(2014)_Onderzoeksrapport_D%C3%A9_ICTer_bestaat_niet_-_analyse_van_vraag_en_aanbod_op_de_Nederlandse_ICT-arbeidsmarkt_.pdf

[2] Uit: Critical Issues to Consider When Introducing

Technology Education into the Curriculum of Young Learners


 

Hier ziet u de Nieuwsbrief van de Wetenschapswinkel UT. Weer was er in 2014 een groei van het aantal aanvragen met 20%: van 137 naar 166.
49 van deze aanvragen waren afkomstig van het MKB. We slagen er goed in onze taak binnen Kennispark Twente en de Portal to Innovation KP in te vullen.
Universiteit Twente, MKB en non-profitorganisatie werken nauw samen in het project voor de Stichting Dichterbij uit Nijmegen, rondom “de interactieve bal”.
U kunt lezen hoe ingenieus deze bal in elkaar zit, en hoe meervoudig gehandicapten hier plezier aan beleven. Ze tonen op een nieuwe manier initiatief.
Onderzoeker dr. Dennis Reidsma is enthousiast over de eerste resultaten en legt uit hoe de vakgroep Human Media Interaction te werk gaat. De bal werd geproduceerd met Kitt Engineering uit Enschede.
Opvallend innovatief en ondernemend is het werk voor de literaire app, naar een idee van dichteres Hedwig Selles uit Zwolle.
Studentonderzoeker Linde Berkhout zette uitdagende spelconcepten naast elkaar en kwam met een spelidee waarin behalve de klant ook marktpartijen grote interesse tonen. Vervolgstap komt er: de app wordt geprogrammeerd en strategisch slim in de markt gezet. Dus … later meer!
Vaak heeft innovatief onderzoek verrassingen in petto. Want: waarom zouden we ons alleen richten op de jeugd? Ouderen worden immers handiger met sociale media èn spelen ook graag op smartphone en tablet! Origineel aan het idee: taalspel en speelomgeving zoeken elkaar op.
Voor een andere ondernemer, uitgeverij DaVinci uit Hengelo, ontwikkelde Jessica Huls een topografie game. Ze wil het avontuurlijke spel dit voorjaar gaan testen op basisscholen.
De afgelopen maanden was de Wetenschapswinkel UT een paar keer te gast bij de Rijksuniversiteit Groningen.
Op de tweejaarlijkse interlandse wetenschapswinkeldag viel ons onderzoek in de prijzen. Het ontwerp voor een natuurhus in Almelo behaalde de derde prijs.
Ook werd een paper ingestuurd door Jan Schaake, namens de Wetenschapswinkel UT en Enschede voor Vrede, en positief ontvangen op een internationaal vredescongres. Onze minisymposia in het kader van de jaarlijkse vredesweken slaan aan.
Veel leesplezier gewenst!
Ook uw aanvragen voor onderzoek zien wij graag tegemoet. U kunt ze indienen door het formulier op onze site in te vullen, maar u kunt ons ook bellen of mailen.
Ir. Egbert van Hattem, Coördinator Wetenschapswinkel UT /

                                                         Portal to Innovation KP

e.vanhattem@kennispark.nl – 053 – 489 4407
Wetenschapswinkel UT – The Gallery – Hengelosestraat 500 – 7521 AN Enschede
www.utwente.nl/wewi
Uitgeverij DaVinci is een educatieve uitgeverij voor het basisonderwijs. Wij maken onderwijsmaterialen op allerlei gebied waarbij we kinderen zich laten verwonderen over de wereld om hen heen, voor hun medemens, de natuur en de aarde. Het basisonderwijs moet vanaf dit schooljaar anti-pest-programma’s invoeren. DaVinci denkt dat het belangrijk is te beginnen bij een goede basis, een goed pedagogisch klimaat. Een onderdeel van dat klimaat zijn schoolbrede vieringen, waarbij we met de hele school, dus kinderen van groep 1 t/m 8 en leerkrachten en ouders stil staan. Deze vieringen zijn ankerplaatsen en bouwstenen voor het menselijk leven en brengen er samenhang en structuur in.
We hebben daarbij het schooljaar opgedeeld in de volgende 4 thema’s:

1. Jezelf en de Ander
2. Vrede en vrijheid
3. Groei & ontwikkeling
4. Gevoelens en vertrouwen

We gaan een verhalenbundel maken van zo’n 40 verhalen behorend bij deze 4 thema’s. Waar Christelijke scholen de bijbel als uitgangspunt nemen, zoeken we nu verhalen uit andere culturen, landen en filosofieën. 
Heb jij zo’n verhaal te vertellen? Mail het dan daar info@uitgeverijdavinci.nl 
Wat voor verhalen zoeken we?
– Verhalen die in minder dan tien minuten te vertellen zijn, dus tot 1200 woorden. Kortere verhalen zijn prima!
– Verhalen waarbij de clou nog uit te puzzelen is, het hoeft niet allemaal zo klaar als een klontje.
– Verhalen hoeven ook niet altijd goed af te lopen! 
– Verhalen die je als voorbeeld kan nemen voor je eigen handelen, of juist niet…
– Verhalen die vragen oproepen…
– Verhalen waarbij je je verwondert over het leven.
Inschrijven kan tot 20 december 2014.
Op 28 februari 2015 maken we een eindselectie. De winnaars krijgen een eervolle vermelding en 2 exemplaren van de bundel thuis gestuurd.

Wereldverkenning is een vakgebied dat bij uitstek geschikt is om onderzoekend te leren vanwege haar rijkdom aan materialen en uitgebreide mogelijkheden tot exploreren. Maar op welke wijze kan men een structuur geven aan onderzoekend leren in de dagelijkse onderwijspraktijk?

Onderzoekend en ontwerpend leren stelt niet de lesmethode, maar de zelfexploratie van het kind centraal. Bij DaVinci ligt de nadruk van onderzoekend en ontwerpend leren in het Themawerkstuk dat de kinderen individueel of in kleine groepjes maken.

Het volgende 5-stappenplan geeft houvast om onderzoekend leren in de praktijk vorm te geven. Dit plan wordt in dit artikel besproken en het geeft u tevens handreikingen voor in de praktijk.

 

1. De confrontatie

Dit is de amuse! In deze eerste fase worden de kinderen geconfronteerd met het lesonderwerp. Het doel van deze fase is: verwondering oproepen, nieuwsgierigheid opwekken en reacties teweeg brengen. Dit kan gebeuren door een demonstratie te geven en vragen te stellen en op te roepen (in plaats van vragen te beantwoorden). Als kinderen vervolgens hun ervaringen kunnen delen, verhoogt dat hun betrokkenheid. Het is van belang dat de kinderen aan het eind van de eerste fase nieuwsgierig zijn en zich verwonderen over het lesonderwerp. Zo is de basis voor leren en ontdekken gelegd.

De confrontatie kan zowel in kleine groepen als in de hele klas gebeuren, maar het is van belang dat de leerkracht de verwondering bij de kinderen oproept. Neem hiervoor dus goed de tijd en stel vooral veel vragen.

 

2. De spontane verkenning

Nu de belangstelling is gewekt, gaan de kinderen het onderwerp verder verkennen. Het doel van deze fase is een vrije exploratie van het onderwerp. We noemen deze fase daarom ook wel het ‘aanrommelen’. Vaak zullen de kinderen het materiaal verkennen met al hun zintuigen en ze zullen vragen gaan stellen. Voor leerkrachten is dit een goed observatiepunt om belangstelling te inventariseren. Het succes van deze fase is afhankelijk van een goede timing. Als het doorstromen naar de volgende fase te snel gaat, komt het doelgericht onderzoek niet goed van de grond omdat kinderen nog willen ontdekken. Als deze fase te lang duurt, wordt er vaak ‘aangeklooid’ omdat de kinderen klaar zijn met de eerste verkenning en nieuwe uitdagingen zoeken. Kinderen kunnen heel goed zelfstandig spontaan verkennen, maar een goede observatie en timing van de leerkracht is van groot belang voor het overschakelen naar de volgende stap. Stuur dit dan ook als u merkt dat kinderen het materiaal voldoende verkend hebben.

Het onderzoeken van magnetisme in groep 6: ‘Welke materialen zijn magnetisch?’

De kinderen onderzoeken allerlei materialen uit de omgeving van steen, hout en ijzer tot papier op magnetisme.  Ze proberen ze stuk voor stuk aan de magneet te laten plakken.

 

3. Het onderzoek

In deze fase wordt door het verrichten van onderzoek antwoord gegeven op vragen. De vragen die de kinderen tijdens de spontane verkenning stelden, zijn hiervoor een goed uitgangspunt omdat ze gesteld worden vanuit de belevingswereld van het kind. Kiest men liever voor een meer gesloten soort onderzoek of is het kind nog erg jong, dan zijn vooraf gestelde vragen in bakkaarten of op werkbladen een zeer geschikte keuze. Deze gesloten aanpak biedt meer houvast en is geschikt voor jongere kinderen. Oudere kinderen kunnen hun eigen vragen stellen en het onderzoek opzetten, mits zij hier enige ervaring in hebben. Het stellen van de juiste vraag is cruciaal voor een goed en concreet onderzoek. Laat de kinderen duidelijk vragen wat ze precies willen onderzoeken, zo blijft het onderzoeksgebied smal, duidelijk en concreet. Goede vragen zijn:

  1. Hoe-vragen: Hoe is het heelal ontstaan?
  2. Waarom-vragen: Waarom is het niet altijd volle maan?
  3. Wat gebeurt er als-vragen: Wat gebeurt er als je een pen in het stopcontact steekt?
  4.  Is het zo dat-vragen: Is het zo dat chips ongezonder is dan een appel?

De rol van de leerkracht is het begeleiden in de vraagstelling en het opbouwen en begeleiden van het onderzoek; het klaarleggen van de materialen en het (mede)bedenken van de opzet.

 

4. De rapportage

Het onderzoek van de vorige fase levert antwoorden op. Soms kunnen er op één vraag meerdere antwoorden komen. Er zijn dan bijvoorbeeld verschillen tussen de gebruikte materialen, er zijn meerdere variabelen of de kinderen leggen de resultaten verschillend vast. Daarom is een nabespreking altijd aan te raden, want zo komen deze oorzaken aan het licht. Als resultaten overeenkomen met elkaar, kan er worden ingegaan op het onderzoeksproces en het vaststellen van conclusies. De kinderen presenteren kort hun conclusies aan elkaar: zo wordt de opgedane kennis gedeeld met de groep.

Nadat de kinderen alle voorwerpen onderzocht hebben, zullen ze uitvinden welke materialen aan de magneet blijven plakken. Ze sorteren de voorwerpen op het soort materiaal en schrijven per voorwerp hun bevindingen op. Ze maken hun conclusie: ‘Materialen van ijzer zijn magnetisch.’ Hierover pitchen ze kort in de klas.

 

5. De toepassing, verbreding en verdieping

In de laatste fase wordt er theoretische informatie gegeven, vaak met ondersteuning van concrete materialen en/of met afbeeldingen of foto’s. Door een centraal moment van uitleg in te bouwen, voorziet de leerkracht zijn of haar kinderen van waardevolle, theoretische informatie. Tevens ligt er nu een stevige basis voor verbreding en verdieping van het lesonderwerp. De vorige vier stappen leerden kinderen te onderzoeken met concrete materialen. Dit is het moment voor Hogere Orde vragen. Hier kunnen nieuwe zaken worden gecreëerd. Deze informatie kan op verschillende manieren verwerkt worden: een verslag maken, een stukje voor de schoolkrant schrijven, een prototype van je idee met lego of … de mogelijkheden zijn eindeloos.

 

Conclusie

Natuuronderwijs is een vak dat zich goed leent om kinderen onderzoekend te laten leren.

Maar op welke wijze kan men een structuur geven aan onderzoekend leren in de dagelijkse onderwijspraktijk?

Door te experimenteren en te onderzoeken maken de kinderen zich de lesstof eigen: zij ervaren en ontdekken het zélf. In de dagelijkse onderwijspraktijk geeft het 5-stappenplan een werkstructuur aan onderzoekend leren. Dat begint met het prikkelen van de nieuwsgierigheid om kinderen open te laten staat tot leren. De kinderen stellen vervolgens –al dan niet met begeleiding- een onderzoek op. Met behulp van vragen blijft het ordelijk en concreet. Daarna onderzoeken zij met materialen hun onderzoeksvraag en rapporteren de conclusies: zij geven antwoord op hun zelf gestelde vraag. Tot slot trekken zij hun kennis naar een Hogere Orde en presenteren zij hun ideeën.

DaVinci: samen naar goed onderwijs!

 

Literatuur:

Marell, J. & Vaan, E. de (2012). Praktische didactiek voor natuuronderwijs. Bussum: Coutinho.

ISBN: 9789046903018.

 

 

Meer weten:

ICT en de natuur: www.leraar24.nl/dossier/3226/ict-en-de-natuur

De educatieve schooltuin:  http://www.leraar24.nl/video/2348

Kerndoel 42: http://tule.slo.nl/OrientatieOpJezelfEnWereld/F-L42.html

Talentmanagement van school, leerkracht en kind

Presentatie bij de lezing voor de Onderwijsdag in Almere op 4 oktober 2013.

Onderwijsdag Almere (ppt)

Onderwijsdag Almere (pdf)

Gebruikte link: Juf Mirjam – Ali B bij Pauw en Witteman 

Werken vanuit thema’s en het hogere orde denken van Bloom gaan hand in hand.

Benjamin Samuel Bloom (1913 – 1999) was een Amerikaans psycholoog – gespecialiseerd in educatie – die heeft bijgedragen aan de indeling van de onderwijsdoelstellingen. Ook regisseerde hij een team dat een groot onderzoek heeft gedaan naar de ontwikkeling van uitzonderlijk talent op het gebied van eminentie, uitzonderlijke prestatie en grootheid. In 1956 ontwikkelde hij een taxonomie van educatieve doelstellingen, een classificatie van leerdoelen die bekend zal worden als de taxonomie van Bloom. Bloom onderscheidt daarin het lagere orde denken en het hogere orde denken:

 

Uitgeverij DaVinci en Bloom

De taxonomie van Bloom

Lagere orde denken:

1.       Onthouden: Het kunnen ophalen van specifieke informatie, variërend van feiten tot complete theorieën.

2.       Begrijpen: De vaardigheid om adequate betekenis te geven aan informatie.

3.       Toepassen: De vaardigheid om kennis in nieuwe en concrete situaties toe te passen.

 

Hogere orde denken:

4.       Analyseren: De vaardigheid om informatie op te delen in onderdelen zodat de structuur kan worden begrepen en bestudeerd.

5.       Evalueren: De vaardigheid om de waarde van iets te kunnen beoordelen in relatie tot een bepaald doel.

6.       Creëren: De vaardigheid om met behulp van het geleerde nieuwe ideeën, oplossingen, producten te ontwikkelen.

 

De volgende vragen kunnen je helpen bij het stellen van Hogere Orde-vragen:

 

Analyseren:

  • Als … waar is, wat betekent dat dan voor…?
  • Op welke manier is … hetzelfde als …?
  • Vergelijk … met … wat zijn overeenkomsten en verschillen?
Evalueren:
  • Is er een betere oplossing voor…?
  • Hoe effectief zijn…?
  • Wat zijn de consequenties van …?
  • Wat zijn de voors en tegens van …?
Creëren:
  • Kun je een … ontwerpen waarmee …?
  • Ontwerp je eigen manier om…?
  • Wat zou er gebeuren als…?
  • Kun je nieuwe manieren bedenken om te …?

Een thema wordt vanuit verschillende vakgebieden bekeken; vanuit aardrijkskunde, geschiedenis, biologie, techniek, maatschappijleer, natuurkunde, scheikunde en filosofie. Door vanuit die verschillende vakgebieden te denken, ben je automatisch bezig met verbanden leggen. Door een thema steeds vanuit dezelfde verschillende vakgebieden te bestuderen, leren de kinderen analyseren, ze zien de structuren die steeds terugkomen en herkennen deze. Daarmee kunnen ze ook evalueren, ze kunnen onderdelen beoordelen in relatie tot het thema en de andere thema’s.
Tevens wordt binnen een thema een omgeving geschapen waarbinnen ruimte is het geleerde in nieuwe contexten te plaatsen.

Bovendien biedt een thema allerlei mogelijkheden tot gedifferentieerd werken; vanuit talenten en intelligenties van kinderen als individu en als groepslid waardoor ook zo het hogere orde denken wordt gestimuleerd.

Op deze manier is hogere orde denken een basaal onderdeel van het onderwijs geworden dat voortdurend aan de orde is.

 

Een voorbeeld van werken vanuit thema’s is te vinden op:

www.demethodedavinci.nl

www.kosmisch-onderwijs.nl

 

 

denkraam mindmap

Het maken van een Mindmap -in het Nederlands een Denkraam- is een essentieel onderdeel van het moderne leerproces.
Om dit leerproces te begrijpen, kijken we eerst naar de werking van de hersenen. De hersenen hebben vijf belangrijke functies:
Lees meer »

‘De bekroonde documentaire ‘Children full of life’ biedt een indringend beeldverslag van Mr. Toshiro Kanamori, een inspirerende, zeer authentieke leerkracht die tegen de conservatieve stroom in verbondenheid creëert met en onder zijn leerlingen. Inmiddels is de film door veel leerkrachten en onderwijsbegeleiders bekeken. En de reacties zijn telkens hetzelfde: mensen zijn diep onder de indruk.

Kanamori, filosoof en cultuurhistorisch vrijdenker met een krachtige mensvisie heeft een wens: Kinderen leren samen gelukkig te worden. De documentaire is voor Japanse begrippen uitzonderlijk, maar ook binnen onze context zeer bijzonder. Mr. Kanamori (in de documentaire uit 2003 57 jaar) is al meer dan 30 jaar leerkracht. Regelmatig bezoeken leerkrachten zijn lessen vanwege zijn bijzondere visie en aanpak: Hij moedigt kinderen aan plezier te hebben en vertelt dat de kinderen zowel hun eigen sterke kanten als die van hun vrienden moeten bevestigen en laten bevestigen. Hij wil een klas waar kinderen een sterke emotionele band hebben en reikt ideeën aan hoe dat in het leven kan.

Bron: Het kind  Lees meer »